Leven (Dutch)

Een vriend: Israël? WTF ga je daar doen?

Ik: Ik ga voor een project. Werken met Palestijnse en Nederlandse jongeren; zij gaan hun verhaal vertellen en ik ga hun daarbij coachen.

Een vriend: Succes ouwe, ze gaan het je knap lastig maken bij de douane, ze gooien jou zo op het vliegtuig terug naar Nederland. Hahaha

Ik:…

Ik was bang, waarvoor weet ik niet echt. Maar het voelde niet goed.

Diezelfde vriend bracht me naar Schiphol. De gehele rit daar naar toe was allesbehalve plezierig. Doemscenario’s namen de controle over mijn gedachtes. Dit terwijl er altijd kleine feestende Soufiane’s in mijn hoofd dansen als ik op reis ga.

Die maat van me zette me af en vertelde me nog even dat hij blijft wachten tot morgenmiddag om me weer op te halen; ik overleef de douane toch niet, denkt hij.

Ik lachte als een boer met vier getrokken verstandskiezen.

Anastasis en Esra waren er al. Een aantal minuten later arriveerde Arjen, Anouk, Fouad en Mo Bourik.

De groep was compleet. Ingecheckt, shit. Nu is er geen weg meer terug.

Ik kijk Fouad aan, ik zie in zijn ogen dat hij ook bang is.

Ik: Fouad, bang ouwla?

Fouad: haha, ja wij zijn de suicide squad.

Ik: Fouad, a.u.b. niet zulke grapjes maken nu. We zijn verdomme op een vliegveld ouwe.

Fouad: -Karakteristieke lach- maak je niet druk. Haha

Fouad lacht zijn emoties weg, dat weet ik. Hij is namelijk naar Saudi-Arabië geweest en volgens mensen gaan ze hem op de douane de hel laten proeven op aarde, vanwege de conflicten die Israël heeft met Saudi Arabië. Fouad is net als ik ook bang. Bourik daarentegen stond erbij alsof hij naar Hawaï ging.

Ik: Ben je niet bang?

Bourik: Nee jongen, waarom zou ik?

Ik: omdat we naar Israël gaan, misschien?

Bourik: Soufiane, we gaan naar het land waar alle profeten ooit zijn geweest. We gaan naar het land van God.

Ik:….

Ben-Gurion Airport, Tel Aviv.

Ik kijk om me heen en ik vind het best een leuke airport. Niet iets speciaals ofzo maar het ziet er best leuk uit, je weet wel. Ik voel dat ik wat relaxter ben en grap en grol wat met iedereen.

Toen kwamen we bij de douane aan, ik zag twee grote Israëlische vlaggen boven de loketten. Dat voelde zo intimiderend aan, de moed zakte in mijn schoenen.

Maar toch ging ik als eerste van de groep.

De douanier was een vrouw en best knap. Ik keek naar links en ik zag Fouad, hij heeft z’n moed getoond en is ook als een van de eerste gegaan. Fouad probeerde het ijs te breken en het lukte hem.

De andere douanier lachte. Stiekem hoopte ik dat hij de suicide squad grap niet maakt. Jawel, Fouad is wel zo verstandig om het niet te doen. Ik kek weer terug naar de douanier en ineens is ze niet zo knap meer, ze keek nors en met een denigrerende toon vroeg ze om mijn paspoort.

Zij: What is the name of your father? (Op een denigrerende toon).

IK: Abdellah.

ZIJ: name of your grand father?

Ik: Abdeslam

Zij: How? Tenminste dat zei ze niet he, haar blik vertelde genoeg.

Ik: AB-DE-SLAM

Zij: What you come to do here?

IK: Give storytelling workshops.

ZIJ: What is that?

Ik wilde bijna zeggen dat het een nagellak workshop zou zijn tussen metro seksuelen en verstandelijke gehandicapten. Maar nog voordat ik ging waarschuwde me moeder mij niet zo een grote bek te hebben, ik ben immers in Israël.

Ik bedacht me.

IK: A workshop about how to tell a story.

ZIJ: go to there back in the left.

 Back in the left is een ruimte met stoelen een 2de hands water cooler en een Israëlische zender die uit de beeldbuis komt. Alsof ik Hebreeuws versta. Ook zaten daar andere aan wie de toegang tot Israël voor even was uitgesteld.

Na mij kwamen Esra, Fouad en Mo Bourik binnen. Daar zaten we dan, een Turk en drie Marokkanen,  nee het is geen mop, maar 3 uurtjes in Back in the left. Esra en Fouad zagen het ook niet zo zitten, Mo Bourik stond erbij alsof zijn 4 sterren hotel net bevestigd heeft dat ze hem komen ophalen vanaf het vliegveld.

Eigenlijk was Bourik die me wat kalmer maakte. Bourik is eigenlijk de kalmte hemzelf, met z’n verhalen probeerde hij de sfeer een beetje erin te houden. Ik was blij dat ik met Bourik 3 uur lang opgesloten zat in Back in the left.

Na een kleine anderhalf uurtje hadden allen een gesprek met een douanier. Zo een kaal kort mannetje. Hij stelde dezelfde vragen als het eerste meisje. Hoe heet m’n pa, hoe heet m’n opa , wat voor werk ik doe.

Die man bleek lange tijd in Amstelveen te hebben gewoond en was erg enthousiast dat Bourik en Esra uit Amsterdam-West kwamen. Maar tevergeefs, we moesten gewoon nog wachten. Helaas is het niet zoals de douane in Marokko.

Nadat ik als enige een 2de gesprek had gehad bij de hoofdofficier, wat eigenlijk best prettig verliep, stonden wij, de suicide squad, binnen 2 minuten naast Arjen, Anastasis, Anouk en Boaz. Boaz was al eerder gevlogen. Toffe kerel by the way.

We hadden twee auto’s tot onze beschikking. Fouad, Esra, Anastasis en Anouk in de ene auto. Arjen, Mo Bourik, Boaz en ik in de andere auto.

We gingen van Tel Aviv naar Shefa’amr of Shefara’m, het is maar net of je Hebreeuws of Arabisch wil spreken. Elk verkeersbord is in het Hebreeuws en Arabisch aangegeven. Dat moet, het zijn namelijk de officiële talen in Israël, volgens Boaz. Vanaf nu gebruik ik trouwens Palestina, ik ben de douane voorbij dus ik hoef nergens meer bang voor te zijn.

Of eigenlijk wel.

Ik: zijn de mensen hier niet bang?

Boaz: bang voor wat?

Ik: dat er oorlog uitbreekt ofzo, ik zie niet echt tanks op straat trouwens.

Boaz: nee zo erg is het niet, wel in de gebieden rondom Gaza. Daar is het niet veilig.

Ik: wat vinden de mensen daarvan eigenlijk? Van de hele heisa.

Boaz: kijk, als je de mensen vraagt hoe ze het hebben. Dan vinden ze het goed.

Ik: Maar?

Boaz: als je ze gaat vragen over politiek, dan raakt de mens depressief. Ze vinden het akelig wat er gebeurt.

Ik: dus ik hoef nergens bang voor te zijn?

Boaz: nee joh. De media overdrijft te veel.

Ik:…

We komen aan bij Beit Almusica. Het conservatorium van Shefa’amr. Even later arriveerde de 2de auto. In de muziekhal verzamelen we met z’n allen. We groetten elkaar en de taal waarin we communiceren is Engels af en toe doen we Google Translate. Dat werkt soms iets beter.

De jongeren in Palestina spreken zowel Arabisch als Hebreeuws. Hebreeuws kan ik niet, maar in het Arabisch kan ik zo nu en dan wel wat volgen.

Ik kan vragen om koffie en sigaretten. Het meest belangrijke.

Ik nam Anas even apart. Anas had ik al eerder ontmoet in Nederland, tijdens een storytelling workshop. Aardige gozer.

Ik: It is not what I imagened it would be.

Annas: how do you mean?

Ik: i mean, i don’t see tanks or police.

Annas: yeah, we are in the green zone. We are safe here.

Ik: I really thought it would be a warzone, I was really afraid bro.

Annas: Don’t be. You’re safe here. You’re with us

Ik:…

De families van de jongeren gaven ons onderdak; we sliepen bij hun thuis. Dat voelde goed. Ik ging de cultuur van Palestina proeven. Heerlijk.

Ik verbleef bij Hamoudi. Hamoudi is een beginnende acteur en muzikant. Hij at, dronk en ademde entertainment. Dat was tof. Want ja, voor mij is dat precies hetzelfde. Ook Ronny sliep bij Hamoudi. Ronny is een orthodox jood of eigenlijk was, hij is niet meer praktiserend. Hij is opgegroeid in Manchester en is op latere leeftijd verhuist naar Palestina, met de gedachte dit land is van ONS.

Ronnie: Beautifull not, everbody gathering around?

Ik: Yeah it is. Isn’t strange for you? To be the only one that has a Jewish background.

Ronnie: No, actually not. I like to meet other people. To make new friends.

IK: But a few years ago you could’nt sit her around with Muslims and Christians, right?

Ronnie: No no, absolutely not. Did you know I was even in the army?

Ik: No, you were?

Ronnie: Yeah, I wanted to fight fort he Holy Land. In that time my thoughts were like, this is ours. You know?

Ik: But now you are here and don’t have the same thoughts anymore?

Ronnie: No.

Ik: What was your drive to make the switch then?

Ronnie: I got curious. I wanted to get to know the people I actually “hate”.

Ik: And you think you made the right decision?

Ronnie: Yeah, I did. Look, we are all different. But were talking to each other and have fun with each other. Like the people of Shefa’amr say: alhamdulillah.

Ik:…

Bourik verbleef bij Ilyas, samen met Redouan. Oh ja, Redouan kwam twee dagen later aan. Namelijk de week voordat wij aankwamen was er een hevige bosbrand. Vlakbij Shefa’amr, waar wij verbleven. Dus hij wilde wachten tot het wat veiliger was.

In ieder geval, Bourik en Redouan verbleven bij Ilyas. Ilyas z’n ouders waren gelovig, hij zelf niet. Het was een stille jongen. Ik wil wel even zeggen dat Ilyas een jongen was die veel te vertellen heeft, maar eigenlijk niet wilde spreken. Ilyas had al een jaar of twee niet geschreven. Hij wilde niet meer, inspiratie had hij genoeg. Maar Ilyas bleef gesloten. Was hij bang? Net als ik?

Nee, dat was hij niet. Tijdens de workshop, wat soms een heftige workshop kan zijn omdat je jezelf totaal moet blootgeven aan je emoties, voelde ik Ilyas wat groeien, zelfverzekerder worden. Ik gaf ze namelijk het onderwerp: wat is je droom en wanneer kwam je erachter dat dat jou droom is.

De woorden die uit Ilyas z’n mond kwamen waren meer dan dromen. Hij vertelde dat hij als kind nooit de mogelijkheid gehad had om te dromen. Hij wilde Superman zijn of Spiderman. Maar z’n ouders wilde dat hij droomde over architect of dokter worden.

Laat ons dromen met rust zei Ilyas. Mogen wij onze droom naleven en niet de droom die jullie hebben. Mag dat? Mag ik Spiderman zijn, mag ik Superman zijn? Want dat is wat ik wil. Maar jullie geven geen gehoor aan onze dromen. Dat zouden jullie wel moeten doen. Want beetje bij beetje hebben wij geen eigen droom meer.

Fouad verbleef bij Omar. Omar speelt de Kanun. Dat is een Arabische instrument of Perzische, pin me er niet op vast. Hij is een talentvolle muzikant die dokter wil worden. Zijn broer is ook dokter en Omar kijkt hoog op tegen zijn broer. Hij gaat studeren in Moldavië en zal terugkomen om als arts te werken, net zoals zijn broer dat heeft gedaan. Omar is Islamitisch, praktiserend zelfs. Alleen kan hij niet zo snel aan een baan komen als arts. Hij is tenslotte tweederangs burger. Zo zou hij ook niet het leger in kunnen of agent worden, dat is verboden voor Islamieten en Christenen. Omar is me het meest bijgebleven van iedereen. Ik trok het meeste met hem op. Ik had het gevoel dat ik veel van die jongen kon leren, ondanks dat hij pas 18 is. Hij had een hele sterke persoonlijkheid. Alleen jammer dat zo een talentvolle jongen als Omar supporter is van de meest afschuwelijkste voetbalclub ooit. Real Madrid…

Ik: Omar, you hate Jews?

Omar: No brother, I do not hate them. I just don’t like a lot of them.

Ik: which one then?

Omar: Those who hate us and want us killed you know.

Ik: You want them dead also?

Omar: No Brother. That is not good. I don’t like them, but dead? No!

Ik:…

Ik: You know we make fun of Jews in Holland.

Omar: how?

Ik: When someone does something bad to you, we give him the name Jew. Funny not?

Omar: Wow brother. That is not good. Wallahi.

Ik:….

Arjen en Anastasis verbleven bij Anas’ familie. Daar kwamen wij vaak met z’n allen bijeen om een gezellige avond te hebben. Lekker wat drinken, eten en vooral muziek maken. Ik merkte op dat het volk, het volk dat als tweederangs burger word gezien, niet vergeet te leven.

Je zou natuurlijk denken dat ze leven in angst. Tenminste, dat is wat ik dacht. Dat is waar ik bang voor was. Ik was bang voor de angst die ik zou hebben als ik er ben. Maar geloof me als ik je zeg dat angst de enige emotie is die ik niet heb gevoeld.

Boaz verbleef bij Nabeel. Nabeel heeft dreadlocks en straalt alleen maar warmte uit. Nabeel is hondentrainer en houdt van mensen. Ook heeft Nabeel professioneel gevoetbald in de jeugd. Hij zat bij het nationale jeugd team van Israël. Hij vertelde mij dat hij liever voor Palestina speelde, maar dat kan helaas niet. Nabeel is een jongen die iedereen als een vriend wil hebben. Misschien komt dat door zijn dreadlocks ofzo. Of zijn geloof. Nabeel mag namelijk wel het leger in of politieagent worden. Want Nabeel is een Druze.

Ik: Nabeel You’re a Druze right?

Nabeel: Yes I am.

IK: What does your religion mean?

Nabeel: It is like a secret

Ik: So you can’t tell me anything about it?

Nabeel: No.

Ik: Okay.

Nabeel: Okay. I can tell you that my religion is all about giving love. Nothing more. I can tell you..

Ik: Just like all other relgions.

Nabeel: Exactlly!

Ik:…

De dames Anouk en Esra verbleven bij Malak. Malak is Christelijk en net als de rest eigenlijk een tweederangs burger. Ook zij loopt tegen dezelfde problemen aan als Anas, Hamoudi en Omar. Maar zij bekommert zich daar niet te veel om. Zij leeft gewoon. Eigenlijk net als iedereen hier in Shefa’amr.

Soms vergeet ik ook te leven. Soms maak ik me druk om de kleinste dingen. Je weet wel. Die dingen waar je eigenlijk helemaal niet druk om hoeft te maken.

Nee, ik ga niet meer zeuren. Ik ga meer leven, want dat vergeet ik weleens. In Palestina heb ik geleerd om te leven. Er te zijn. Wat van je leven te maken. Niet te lang stil te staan bij de dingen die je niet onder controle hebt. Durf die controle los te laten en dan durf je misschien wat meer te leven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *